Je zat in de regen
op de ramen. In deverhalen van je zus.
Je zat in de lege stoel
die over was. Je was
alomtegenwoordig dus.
Je zat in de fietsster
onderweg. In de geur
van brandend hout.
Je was even terug van
heel lang weg. Vandaag
voelde veel vertrouwd.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten